Onderonsje

Het is een zwoele zomeravond. Ik moet naar bed omdat ik morgen weer moet voldoen aan de verplichtingen van een werkgever, maar ik maak deze aardse zaken even ondergeschikt aan het kosmische; ik mág van mezelf de heldere sterrenhemel waar het universum mij vanavond op trakteert niet aan me voorbij laten gaan.
Ik neem plaats in een ligstoel, staar naar het firmament en voel me nietig. Ik dwing mezelf het aardse even te vergeten en probeer mijn persoontje een plaatsje te geven in de weidsheid van de kosmos, maar dat is meer dan een simpele aardbewoner bevatten kan.
Plotseling zie ik hoe twee lichtjes zich losmaken van de rest. Ze bewegen zich anders dan de hemellichamen die onverstoorbaar op hun plek blijven staan glinsteren: doelbewust, volgens een patroon, met plotselinge koersveranderingen, maar los van elkaar. Daar komt snel verandering in. Na een korte, kosmische balletuitvoering lijken de lichtjes zich aan elkaar te koppelen en bewegen perfect synchroon met een vaste tussenafstand sierlijk door het nachtelijk zwerk. Hier moet een vorm van intelligentie achter zitten. Dit is niet willekeurig, geen natuurlijk fenomeen of gezichtsbedrog.
Dan stoppen beide lichtjes recht boven me, gaat een van hen even uit en weer aan, en verdwijnen ze met een duizelingwekkende snelheid uit het zicht. Dit was onmiskenbaar een ‘close encounter of the first kind’. Een knipoog vanuit de ruimte.

Advertenties

Invasie

Drie dagen wierp het indrukwekkende gevaarte zijn dreigende schaduw over een groot deel van de stad. De inzittenden van het kolossale ruimteschip hadden zich nog niet laten zien, maar de uitgezonden boodschap hield linguïsten, wiskundigen, computerdeskundigen en zelfs antropologen wereldwijd bezig. Dag en nacht werd er gewerkt om de boodschap van de interstellaire bezoekers ontcijferd te krijgen.

Plotseling zwaaide de deur van de tijdelijke commandopost nabij de ‘landingsplek’ open. Met een computeruitdraai in de hand gekneld stormde een van de taalkundigen opgewonden naar binnen. “Ik weet wat de boodschap betekent!”
“Invasie?”
“Nee, ze komen een kopje suiker lenen.”