Schrijftips

Als je al enige tijd bezig bent met schrijven, heb je al zoveel regels, tips en adviezen voorbij zien komen, dat je door de bomen het bos niet meer zou kunnen zien. Een creatief proces als schrijven mag zich echter niet laten beperken door regels; van vrijwel alle regels betreffende het schrijven is al bewezen dat het tegendeel ook mogelijk is. En dus blijven er alleen maar tips en adviezen over die je kunt opvolgen.

Geen regels

Maak een schifting van de voor jou meest waardevolle tips. Als je al enige tijd bezig bent met schrijven, kom je er wel achter welke dit zijn. De rest valt in de categorie ‘vanzelfsprekend’ of ‘daar kan ik niks mee’.
Los van de onmisbare tips die regelmatig terugkeren, zoals ‘write what you know’ en ‘kill your darlings’, ben ik hier tips aan het verzamelen die ikzelf als zeer waardevol ervaar.

Boek Story Robert McKee

Geef je verhaal een pakkende titel.
De titel moet uitnodigen om je verhaal minstens een tweede blik waardig te gunnen. Een tweeledige titel is nog beter. Voorbeeld: ‘Deep Impact’ gaat over de inslag van een meteoor op Aarde, maar ook over de emotionele impact die deze ramp heeft op de betrokkenen.

Eerst bouwen, dan afwerken.
Maak jezelf bij de eerste versie nog niet druk om de details. Het poetsen en schaven komt pas bij de revisie.

Hou je niet in.
Bewaar geen ideeën ‘voor later’ als ze in het verhaal passen dat je op dat moment aan het schrijven bent. Maak het verhaal zo goed als je het maken kunt.

Begin met een belofte (en los die ook in).
Geef de lezer in het begin van je verhaal iets om naar uit te kijken. Iets waardoor men je verhaal wil blijven lezen, dwars door de inleiding heen.

Vermijd drempels.
Voorkom dat je verhaal elementen bevat die de vaart er uit halen. Zoals te lange zinnen, onnodige zijstappen en natuurlijk foute leestekens of taalfouten. Weersta de verleiding tot (onnodig) mooie verwoording. Ook dit kan remmend werken.

Maak karikaturen van je karakters.
Dik je karakters aan (maar niet teveel, houd het geloofwaardig). Dit maakt ze niet alleen interessanter voor de lezer, maar vergroot ook de herkenbaarheid. Als je werkt met meerdere karakters, kan de lezer ze beter en sneller van elkaar onderscheiden.

Gebruik levendige dialogen.
Een simpel ja/nee gesprek is snel afgelopen. Werk met ontwijkende antwoorden, maak ‘omtrekkende bewegingen’. Wees ook niet bang om wat filosofisch of poëtisch taalgebruik te bezigen; het is een verhaal, niet de werkelijkheid.

Denk in telegramstijl.
Schrap zoveel mogelijk overbodige woorden (‘kill your darlings’), zoals lidwoorden, voorzetsels en bijvoeglijke voornaamwoorden. Schrijf niet te wollig, dit haalt de vaart uit je verhaal. Oftewel: ‘Less is more’.

Kleur je verhaal in.
Omschrijf gevoelens en indrukken zodat de lezer met de karakters mee kan leven, maar treed niet onnodig in detail. Laat nog wat over aan de fantasie van de lezer.

Figure reading book

Is de eerste, ruwe versie van je verhaal af, dan ga je de puntjes op de i zetten.

Verbeter je tekst niet tijdens of meteen na het schrijven ervan.
Voor schrijven en corrigeren gebruik je namelijk twee verschillende delen van je hersenen.

Lees de papieren versie.
Veel schrijvers werken op de computer. Toch zul je merken dat je andere details ziet zodra je je verhaal op papier terugleest. En dus is dit een belangrijke stap op weg naar de voltooïng van je verhaal.

Proeflezen.
Laat je verhaal lezen door mensen die waardevolle kritiek op je werk durven/kunnen geven. Bij voorkeur taalkritische boekenverslinders. Gebruik deze kritiek in je voordeel.

P.B.

Advertenties