Het nieuwe potloodventen

Wie had gedacht dat het vrijwilligerswerk, dat ik al jaren met toewijding vervul, op de tocht zou komen te staan? De kille klank van ‘cyber flashing’ mist de romantiek en het avontuur van mijn aloude ambacht. Lafhartig verstopt achterin bus of trein delen deze wannabe exhibitionisten anoniem hun dick pics met nietsvermoedende smartphonebezitsters. Nooit zullen zij de spanning ervaren van de lijfelijke confrontatie, de geshockeerde of geamuseerde, maar altijd verraste reacties bij de onthulling van de pielemoos. Ze zullen de voldoening niet kennen hun clientèle voorgoed van het mannelijk geslacht te hebben ‘genezen’. Dat scheelt immers vele kostbare relatietherapiesessies.

Als deze hype aanslaat, zullen weldra de digitale geslachtsdelen van deze Bluetoothventers draadloos door het openbaar vervoer vliegen en moeten mijn klok-en-hamerspel en ik werkeloos toezien. En mijn oude, vertrouwde jas zal rijp zijn voor Marktplaats.
Gewassen, dat wel.

Advertenties

Verhalenverteller

Met de door zijn uitgever aan hem opgedrongen laptop in een legergroene pukkel klimt Martin op zijn brommer, voor zijn wekelijkse bezoek aan het dorp. Van de cafébaas mag hij de internetverbinding gebruiken om zijn voltooide werk digitaal naar zijn uitgever te sturen.

Twee maanden later loopt hij langs de etalage van de lokale boekwinkel: ‘Het langverwachte vervolg op Martin Koch’s science fiction bestseller ‘2041’ is uit!’
En de boulevardbladen speculeren over de miljoenen die zijn bestsellers hem hebben opgeleverd. Onmiddellijk verlangt Martin terug naar de rust van zijn bootje in het veen, naar de romantiek van het belletje van zijn Remington.

Invasie

Drie dagen wierp het indrukwekkende gevaarte zijn dreigende schaduw over een groot deel van de stad. De inzittenden van het kolossale ruimteschip hadden zich nog niet laten zien, maar de uitgezonden boodschap hield linguïsten, wiskundigen, computerdeskundigen en zelfs antropologen wereldwijd bezig. Dag en nacht werd er gewerkt om de boodschap van de interstellaire bezoekers ontcijferd te krijgen.

Plotseling zwaaide de deur van de tijdelijke commandopost nabij de ‘landingsplek’ open. Met een computeruitdraai in de hand gekneld stormde een van de taalkundigen opgewonden naar binnen. “Ik weet wat de boodschap betekent!”
“Invasie?”
“Nee, ze komen een kopje suiker lenen.”

Naaktstrand

Het naaktstrand was nagenoeg verlaten, dus ze hadden vrij spel.
Haar tepels verraadden haar gemoedstoestand en ook zijn lichaam kon de opwinding niet ontkennen. Haar ademhaling werd zwaarder toen hij met zijn vingertoppen de rondingen van haar boezem volgde. Met vochtige ogen keek ze hem verlangend aan. “Mijn lijf tintelt.”
Hij was op de goede weg. Langzaam volgde zijn handpalm de welvingen van haar buik en bekken, op weg naar het beloofde land.
“Ik hoor muziek,” zuchtte ze opgewonden.
Hij staakte zijn ontdekkingstocht en slaakte een zucht. “Je ligt op je telefoon, lieverd.”

Genoegdoening

Terwijl zijn bediende een nieuwe kaars aansteekt neemt hij de vers beïnkte ganzenveer ter hand. “Mijn vrees te worden onthoofd is verleden tijd, mijn beste. Catharina heeft mij benoemd tot Raadgever en Buitengewoon Geneesheer van de koning. Ik geniet nu de bescherming van het hof. Als genoegdoening voor alle ongeloof en het verlies van mijn familie ga ik de wereld tot lang na mijn dood verwarren met centuries en kwatrijnen.”
“Maar Michel, denkt ge niet…”
“Mijn beste, ik ben nu een man van aanzien. Ik wens dat ge mij ook als zodanig adresseert.”
“Excusez moi, monsieur Nostredame. Excusez moi…”

Reis

Na een dag van verantwoordelijkheden en plichtplegingen verlangt hij er naar weer op reis te kunnen. Naar de plaats waar niks moet en alles kan. Alles.
Hij maakt een tussenstop bij zijn slapende prinsen. Hij kust ze op voorhoofd en wang en voor hij de deur achter zich sluit fluistert hij “Ik zie jullie zo aan de andere kant.”
In adamspyjama schuift hij tussen het katoen, kapselt zich in foetushouding in zijn katoenen cocon. Zijn bed is zijn treincoupé, zijn vliegtuigstoel, de mand van zijn luchtballon. Zijn ruimteschip, zijn tijdcapsule. Langzaam sluit hij zijn ogen en vertrekt.